Zoals bij alle lintwormen zijn er verschillende vormen die in verschillende gastheren leven. Een hond of kat raakt besmet door het inslikken van een vlo die besmet is met lintwormlarven. Uit de larve ontwikkelt zich in de darm van het huisdier een worm, die geledingen produceert die vol met eieren met de ontlasting het lichaam verlaten, maar ook wel eens zelf actief bewegend uit de anus kruipen. Ze zijn dan 0,5-1 cm lang en wittig en kruipen rond; ingedroogd zien ze eruit als een droge rijstkorrel. Vlooienlarven eten de eieren en raken zo besmet.
De behandeling van een lintworm bij honden is relatief eenvoudig en bestaat uit een ontwormingsmiddel dat de werkzame stof praziquantel bevat. Bekende middelen zijn Drontal, Milbemax en Adimere, verkrijgbaar via uw dierenarts of dierenwinkel. Het middel wordt doorgaans eenmalig toegediend als tablet. Omdat vlooien de meest voorkomende besmettingsbron zijn, is het essentieel om gelijktijdig ook de vlooienbehandeling te starten. Alleen ontwormen zonder de vlooienpopulatie te bestrijden leidt snel tot herbesmetting. Uw dierenarts adviseert u over de juiste dosering op basis van het gewicht van uw hond.
De ontworminfsfrequentie is afhankelijk van de leefstijl van uw hond. Honden die regelmatig buitenshuis komen, contact hebben met andere dieren of rauw vlees eten, lopen meer risico en wordt aanbevolen om vier keer per jaar te ontwormen. Honden die weinig buiten komen en geen rauw vlees eten, kunnen volstaan met twee keer per jaar. Puppies hebben een apart ontworningsschema en worden al op jonge leeftijd behandeld. Vraag uw dierenarts naar een persoonlijk advies op maat. Wacht niet totdat u wormen ziet; preventief ontwormen is altijd effectiever dan curatief behandelen.