Epilepsie uit zich in veel verschillende vormen. Wat alle vormen gemeen hebben is een tijdelijke verandering- of verlies van bewustzijn, met vaak ook het verlies van controle over bepaalde spieren. Soms kan een hond met epilepsie zijn aanval aan voelen komen. Er is dan sprake van een zogenoemd aura, ofwel een prodroom. Het aura dat een hond dan ervaart is heel persoonlijk. Sommigen honden horen, zien of ruiken iets wat een andere hond of mens niet waarneemt.
De diagnose van epilepsie bij honden is gebaseerd op de anamnese (medische voorgeschiedenis van de hond), de klinische bevindingen en onderzoeksresultaten. Soms wordt er een EEG (elektro-encefalogram) gebruikt om de hersengolfactiviteit van de hond te meten. In de meeste gevallen is dit niet nodig, omdat de diagnose kan worden gesteld op basis van de beschrijving van de aanvallen door de eigenaar. Bloed- en urinetests worden ook gebruikt om andere aandoeningen uit te sluiten.
Epilepsie bij honden heeft meerdere mogelijke oorzaken. De meest voorkomende vorm is idiopathische (primaire) epilepsie, waarbij geen aantoonbare oorzaak in de hersenen wordt gevonden en de aanleg meestal erfelijk bepaald is. Structurele epilepsie ontstaat door een hersenbeschadiging, tumor of ontsteking. Reactieve epilepsie is een gevolg van iets buiten de hersenen, zoals een stofwisselingsstoornis of vergiftiging. Idiopathische epilepsie begint doorgaans tussen zes maanden en zes jaar leeftijd.
Epilepsie is niet te genezen, maar in de meeste gevallen wel goed te beheersen met medicatie. Anti-epileptica worden voorgeschreven als de aanvallen vaker voorkomen dan twee keer per halfjaar, of als ze clusteren. De medicijnen verlagen de gevoeligheid van de hersenen voor elektrische kortsluitingen. Veelgebruikte middelen zijn fenobarbital en kaliumbromide. Sommige honden reageren goed op CBD-olie als aanvulling op hun behandeling, maar overleg dit altijd eerst met uw dierenarts.
Blijf tijdens een aanval kalm. Raak uw hond niet aan; hij kan u per ongeluk bijten. Verwijder scherpe of harde voorwerpen uit de buurt. Zorg dat uw hond niet van een trap of tafel kan vallen. Dim het licht en maak zo min mogelijk geluid. Noteer hoe lang de aanval duurt. Duurt een aanval langer dan vijf minuten, of volgen aanvallen elkaar snel op, bel dan direct de dierenarts — dit heet een status epilepticus en is levensgevaarlijk.
Sommige baasjes zijn bang dat hun hond tijdens een aanval op zijn tong bijt. Dit is echter vrijwel nooit gevaarlijk. Probeer nooit uw hand of vingers in de bek van uw hond te steken om zijn tong vrij te houden — u loopt grote kans op een bijtwond. Honden stikken niet in hun tong tijdens een aanval. Het meest nuttige dat u kunt doen, is de aanval filmen voor de dierenarts en de duur bijhouden.
Na de aanval volgt de post-ictale fase. De hond is dan verward, kan tijdelijk blind lijken, is onrustig of juist erg slaperig. Deze fase kan enkele minuten tot enkele uren duren. Houd uw hond rustig en geef hem tijd om bij te komen. Bied water aan zodra hij er zelf om vraagt.
Bij goed behandelde idiopathische epilepsie kunnen honden een normaal en gelukkig leven leiden. Honden met epilepsie worden in principe even oud als gezonde honden; buiten de aanvallen zijn ze volledig normaal. Er zijn gevallen bekend waarbij honden in hun hele leven maar één of enkele aanvallen hebben. Honden met frequente of ernstige aanvallen die moeilijk te beheersen zijn, hebben een minder gunstige prognose. Regelmatige controles bij de dierenarts en een aanvalslogboek helpen om de behandeling te optimaliseren.
Hoewel aanvallen vaak onverwacht komen, zijn er bij sommige honden vaste triggers te herkennen. Veelgenoemde triggers zijn stress, vermoeidheid, veranderingen in de omgeving, flikkerend licht, bepaalde geluiden of het missen van medicatie. Houd een aanvalslogboek bij met datum, tijdstip, duur en mogelijke triggers. Dit helpt de dierenarts de behandeling bij te stellen en geeft u als eigenaar meer grip op de situatie.